Er was gisterochtend weer van alles te beleven in de vogelkijkhut. Even vreesde ik voor een zonsverduistering, het was de zeearend die overkwam. De hel plas in rep en roer. Maar ach, even later had moeder knobbelzwaan een onderonsje met haar dochter, terwijl de zilverreigers een luchtshow weggaven, en dat alles werd gadegeslagen door de blauwe reiger hoog in de boom. Op de terugweg spotte in nog een wel heel lichte (blonde) buizerd die zat te doezelen op een hekje. En dat alles zie je dan in ruim twee uurtjes. Fantastisch toch?
Vanochtend met m’n “nieuwe” D850 en 300mm Tele naar de kijkhut getogen. Tot mijn verrassing veel vogels, oa zilverreigers, ganzen en het witgatje en bovenal …….. Otters. De otters speelden op het midden van de plas, dus in feite te ver weg voor mijn 300mm telelensje. Maar dank zij de geweldige camera (Nikon D850) kon ik ze heel ver naar voren halen met behoud van redelijk beeld.
Eén en al levenspelende ottershet witgatjeDansen op het water
Vanochtend weer even een bezoek aan het Katliker Skar, mooie gelegenheid om even mijn nieuwe 300mm te testen. Mijn vriendinnetjes werkten mee en poseerden gewillig. Onderweg hing er een torenvalkje boven de auto, door de voorruit gefotografeerd, wat natuurlijk niet ideaal is. Wandelen jullie even mee? En ja, de 300mm tele voldoet uitermate goed.
“Ze” beloofden ons een prachtig weekend. Dus fluks het campertje voorzien van proviand, vers water en wat versnaperingen. Onze keuze was gevallen op camping It Wiid in Eernewoude. Ruime camperplekken met een fijn lapje gras voor de deur. We wandelden rond en om de camping en vonden leuke plekjes aan het water, met zicht op Eernewoude en de Princenhof. Uniek: tijdens een wandeling zagen we bloeiende Grote Bergsla , zeer zeldzaam in Nederland. Ook veel reuzenbalsemien, maar die vind je overal. Ook huurden we een bootje, wat een onstabiel polyvletje, maar als je eenmaal varende was ging het prima, ik ben het varen nog niet verleerd 😉 . Sem wilde eerst niet aan boord, maar naar enige stemverheffing mijnerzijds dacht hij, nou ja, vooruit dan maar. Nou daar gingen we, richting Rengerspôle, Sitebuurster Ee, de Veenhoop en zo weer op Eernewoude aan. We genoten met volle teugen want wat wil je, 24 graden, zonnetje en een lekker windje, ook Sem vond het geweldig, kon je zien aan zijn blije oogjes.
Vandaag brachten we een bezoek aan het museum van Henk Helmantel, één van Anna haar favoriete kunstenaars.
Het museum is gevestigd in Westeremden een prachtig oud terpdorp tussen Groningen en Delfzijl. Gevestigd in een oude pastorie deels al zo’n 1200 jaar 0ud (13e eeuw) Helmantel zelf schildert prachtige stillevens en details van oude gebouwen, maar draait zijn hand ook niet om als het om natuurtafereeltjes gaat. Anna was natuurlijk weer zo bijdehand om de meester zelf even vast te leggen.
Na de bezichtiging kregen we nog een kopje koffie in de prachtige tuin met oude vruchtenbomen, appeltjes, pruimen en walnoot.
Na Westeremden nog even bij de Eemshaven gekeken en een heerlijke vette hap tot ons genomen.
We hadden zin om er even uit en besloten een kort bezoekje te brengen aan de theetuin van Oranjestein. Gelukig hadden ze er ook koffie!)
Oranjestein is een landgoed in Oranjewoud van oorsprong van de Friese Nassau’s en is de laatste decennia bestierd door de familie De Beaufort. Onlangs is het landgoed, inclusief de Roodbaard tuin overgegaan naar de Stichting Staten Stinzen.
Anna ontmoette een vroegere collega Willia, die werkzaam is op deze locatie. Na de koffie-met-wat-lekkers maakten we nog even een rondje door het park, waar we door een strenge meneer die als een duveltje uit een doosje uit een huisje kwam om ons er op te wijzen dat we ons niet aan de voorgeschreven route hielden. Oef, zal het niet weer doen, maar heb ondertussen wel een heel leuk huiske kunnen fotograferen!
Alweer een paar jaar geleden dat ik op fotosafari was in het Easterskar. Vanochtend ff een rondje gedaan. De beheerder, It Fryske Gea, heeft hier en daar wat paden verlegd maar de natuur is het zelfde gebleven.
De laatste dag van juli Ibizamarkt in het altijd gezellige Steenwijk. Daar moesten we natuurlijk even heen, lekker even rondsneupen, bakkie+ op terras. Anna vond wat leuke kledingaccesoires en ik kon m’n D850 (camera) even uittesten. Kijk maar even mee.
Na wekenlang gebukt te gaan onder lage temperaturen, geen zon en veel regen, leken de weergoden ons wat gunstiger gezind. We popelden om weer even met de camper op pad te gaan. Enkhuizen zou het worden, we ontdekten gemeente camping “De Vest” op een bastion van de stadswallen en op loopafstand van de historische stad en het strand. Ikzelf ben aardig bekend in het stadje, vroeger kwamen we er met onze zeilboot de Liberty, over het IJsselmeer vanuit Stavoren.
Het stadje is leuk, de historische binnenstad met het in het oude historische pand de educatieve tentoonstelling Sow to Grow. Ook de Dromedaris en de haven alsmede de rond de binnenstad dromerig gelegen straatjes aan grachtjes hebben we bewandeld. Het Sprookjes Wonderland hebben we overgeslagen als ook het Zuiderzee museum, daar waren we beiden al eens geweest.
Met Sem naar het strand, kon hij zich even uitleven. Het hele strandgebeuren is momenteel op de schop, het prachtige zandstrand van weleer wordt omgetoverd tot een boulevard met allerhande toestanden, gerealiseerd door Europarcs. Of we daar blij van worden? zet er maar vraagtekens bij. Enkele Enkhuizers die ik daar sprak in ieder geval niet. Over Enkhuizers gesproken, we kregen Els (nicht van Anke) en Tom nog even op de koffie, erg gezellig. Ach weet je wat? bekijk de foto’s maar even, dan weet je waar ik het over heb.
En dan El Rocio. We settelen ons op de comfortabele camping en wandelen naar het stadje in een kwartiertje. En…… wat mooi. Het stadje is helemaal paard georiënteerd, dus louter zandwegen en pleinen en overal van die balken om het paard vast te zetten. Alle huizen en gebouwen zijn wit, zo ook de Santuario de Nuestra de Siñora del Rocio, een zeer opvallende grote kerk. Ieder jaar tijdens Pinksteren komen hier ongeveer 1000000 (ja een miljoen) pelgrims bijeen met allemaal versierde paarden en wagens voor de Romería del Rocío de pelgrimstocht naar El Rocío, teneinde de beeltenis van de Heilige Maagd, de nuestra de Siñora del Rocío te vereren. De maagd heeft de bijnaam La Paloma Blanca, de witte duif, gekregen In heel veel van die witte gebouwen zijn Hermandades, broederschappen gevestigd. Iedere meer of minder belangrijke stad heeft hier een broederschap, ik meende dat er zo’n 90 gevestigd zijn. We bekijken het stadje, Anna koopt een hoed en we dronken een glas Op de terugweg kwamen we langs een zaaltje waar een 20 tal mensen vrolijk aan het zingen waren begeleid door een paar gitaren. We maakten foto’s waarop we werden uitgenodigd om te komen bier drinken maar helaas, ik mag geen alcohol dus we hebben beleefd bedankt. We zijn speciaal een dag langer gebleven want zoals staat geschreven is er zaterdags veel reuring in El Rocio. We toffelden heen door het mulle zand en inderdaad, een enorme drukte, allemaal mensen te paard en in koetsen, iedereen laarzen, de vrouwen een hoed en de mannen veelal een cap. De paarden en muilezels met hun mooiste tuig. Er was een speciale vuurwerkafsteker, harde knallen. En we zagen een soort optochtje van een Hermandad (broederschap), twee mannen met trom en fluit, een door twee man gedragen bloemstuk en een vaandel. Waarschijnlijk werd dat de kerk in gebracht, een offerande aan de heilige maagd? Overal horen we muziek en gezangen, waarin je duidelijk de moorse invloeden hoort. Het was geweldig om mee te maken.
De tweede woestijn die we bezochten tijdens onze overwintering ligt in zuid Spanje, Andalusië. Het gebied bestrijkt ongeveer 280 vierkante kilometer, ongeveer de helft van de halfwoestijn Bardenas Reales in het Noorden. In de Tabernas woestijn zijn nagenoeg géén routes uitgezet, voorzichtigheid is geboden, je bent er zomaar verdwaald. De Tabernas is een echte woestijn, de enige van Europa. Sinds de jaren 50 is de woestijn het decor geweest voor meer dan 300 films. Klassiekers als ‘Once upon a time in the West’, Sergio Leone’s ‘Dollar trilogie’ van spaghetti westerns en Indiana Jones ‘The last crusade’ zijn hier (groten)deels opgenomen. We hebben eerst een paar dagen op de camping Rout66 gestaan, daarna 2 nachten op de camping van Fort Bravo, het fotogenieke westernstadje waar veel films zijn opgenomen. Dagelijks worden hier westernshows opgevoerd, o.a. een bankoverval. We hebben het meebeleefd, alhoewel het Spaans voor ons eigenlijk niet te volgen was, hebben we genoten van de acteurs/stuntmannen. Weet je wat? kijk maar even mee.